Omgevingsdiensten aan tafel bij de Tweede Kamer

Gepubliceerd op 16 december 2019

Woensdagmorgen 11 december vond een Rondetafelgesprek plaats van de Tweede Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken over de Omgevingswet.
De heer Van Vugt, lid van het dagelijks bestuur van de ODMH, nam hieraan deel.

De heer Van Vugt sprak in dit overleg namens de 29 omgevingsdiensten over de rol van omgevingsdiensten onder de Omgevingswet. Door de kamercommissie waren tien sprekers uitgenodigd om hun visie te geven over de invoering van de Omgevingswet en de ontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet. Naast onze bestuurder waren bestuurders aanwezig van de VNG, IPO, Unie van Waterschappen, Natuurmonumenten en LTO.

Namens de omgevingsdiensten gaf de heer Van Vugt aan dat de invoeringsdatum van de Omgevingswet per 1 januari 2021 wenselijk en haalbaar is. Hij vroeg wel aandacht voor het Digitaal Stelsel Omgevingswet. Dit stelsel moet klaar zijn voordat de wet ingaat, maar er moet ook voldoende tijd zijn om het landelijk systeem te testen. Ook vroeg hij aandacht voor Toezicht en Handhaving in de beleidscyclus onder de Omgevingswet. Tot op heden is dit onderwerp bij de landelijke trajecten onderbelicht gebleven.

Als laatste onderwerp wees onze bestuurder op de mogelijkheid dat gemeenten meer gebruik kunnen maken van hun Omgevingsdiensten bij de invoering van de Omgevingswet. De diensten werken regionaal, hebben veel expertise in huis en kunnen een verbindende schakel zijn in de onderlinge afstemming van gemeenten.
Daarbij noemde hij de ODMH als voorbeeld van een dienst die met een breed takenpakket zich voorbereidt op de invoering van de Omgevingswet en een faciliterende rol heeft in de regio. Hij hield een pleidooi richting de Tweede Kamer om oog te hebben voor brede, stevige omgevingsdiensten die in de integraliteit van de Omgevingswet kunnen opereren op regionale schaal.